De geschiedenis van 't Stockpaerdt van Rederij Loosdrecht vindt u op deze pagina
't Stockpaerdt is een Groningse Oostzeetjalk gebouwd in 1890 en vaart nu als passagierschip voor Rederij Loosdrecht. U ziet op de foto's de metamorfose die het schip heeft ondergaan. Maar er moeten meer foto's van het zeilschip en eenmaster de Vier Gebroeders later omgedoopt in Hoop op Zegen zijn. Van de periode 1890 tot 1962 heb ik nog geen foto’s kunnen vinden. Heeft u die dan ontvang ik die graag van u op
Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien.
. Heeft u ze wel op inmiddels ouderwets fotopapier dan kom ik met laptop en scanner naar u toe en scan ze ter plekke in. De informatie die hieronder staat komt van het internet of uit het kadaster.
Scheepsbouwmeester Jacob Jans Mulder
't Stockpaerdt is in 1890 gebouwd door scheepsbouwmeester Jacob Jans Mulder van scheepswerf ‘De Koningspoort’ in Vierverlaten gemeente Hoogkerk. Mij kwam ter ore dat in dit zelfde bouwjaar 1890 nog twee andere schepen van deze werf te water gingen. Het ging om de Hubertus en de Marion Aagje. De laatste is volgens de huidige eigenaresse sinds 1918 in de scheepsregisters terug te vinden.
Jacob Jans Mulder (*15-09-1827 te Leek - †14-10-1900 te Vierverlaten), scheepsbouwmeester, en afkomstig uit Groningen was gehuwd op 10 mei 1850 met Fokkelina Wolters (*10-03-1827 te Leek - †17-07-1915 te Groningen). Hij was sinds 5 oktober 1852 als scheepsbouwer gevestigd in Vierverlaten-Hoogkerk aan de hoofdvaarroute van de stad Groningen naar Leeuwarden.
Jacob Jans bouwde zijn bedrijf in enkele decennia uit tot een vooraanstaande, moderne scheepswerf, waar voor binnen- en buitenwater werd gebouwd. In 1887 bouwde hij hier in ijzer het skûtsjeachtige beurtscheepje ‘De Rot’ [L 383 N]
Scheepswerf ‘De Koningspoort’
Jacob Jans en zijn zoon Wolter (*17-02-1868 - †29-03-1960), die de scheepswerf ‘De Koningspoort’ in 1893 voor achtduizend gulden overnam, fungeerden als leermeester voor een groot aantal Friese leerling-scheepsbouwers. Onder meer de Drachtster Jan Oebeles van der Werff van Buitenstvallaat heeft hier het ijzervak geleerd. Uit de andere bekende Drachtster scheepsbouw familie Roorda waren er meerdere telgen die hier op de werf werkzaam waren. Pieter Jeens Roorda, de neef van de Drachtster scheepsbouwer Bouke Roorda, was o.a. op deze scheepswerf scheepstimmerman. Hierdoor zal ook Bouke contact hebben gekregen met de werf waar de fijne kneepjes van het ijzerwerk hem werden bijgebracht. Wolter trouwt op 26 Augustus 1893 in Groningen, na overname van de werf, met Jantje Helder (*04-10-1871 - †17-03-1943). Zij krijgen een zoon (Jakob) en een dochter (Anna Jantiena).
Scheepsregisters
Het schip is omschreven in Register 1852 Dagregisterdeel 12 Nummer 10 op den achtienden Februari negentienhonderden (18-02-1901) met ondergetekende Louwrens Bordewijk Louwrenszoon, schipper, wonende te Meppel als enige eigenaar van een overdekt ijzeren tjalkschip, genaamd "de Vier Gebroeders" hebbende één dek en ééne mast, groot honderd elf tonnen en thans liggende aan de werf van Gerrit Johannes van Goor te Meppel. Het schip heeft echt op de Oostzee gevaren en volgens de overlevering heeft het o.a. hout vervoerd.
In register 2244 Dagregisterdeel 15 Nummer 142 staat: Den zestienden Januari 1900 negentien (16-01-1919) voor mij Jan Dekkers Notaris in het arrondissement Zwolle ter standplaats Zwartsluis in tegenwoordigheid der beide na genoemde getuigen. Compareerde: de heer Louwrens Bordewijk Louwrenszoon, vroeger schipper, thans zonder beroep en wonende te Meppel. De comparant verklaard te hebben verkocht en mitsdien bij deze acte in eigendom af te staan en over te dragen aan den heer Nicolaas Mandemaker Harmszoon schipper gedomicilieerd te Zwartsluis, verblijf houdende aan scheepsboord die hier mede gecompareerd, verklaarde te hebben gekocht en in koop en overdracht aan te nemen het overdekte ijzeren tjalkschip genaamd "de Vier Gebroeders" waaraan de koper thans den naam geeft van "Hoop of Zegen" groot volgens vroegere meting honderd en elf en volgens de laatste meting honderd en dertien kubieke meters of scheepstonnen met een laadvermogen van honderd en dertienduizend drie honderd vijf en zeventig kilogram, hebbende een dek en één mast, gebouwd en thuis behorende in de Nederlanden bekend in de registers van schepen en vaartuigen, berustende ten kantore van hypotheken kadaster en scheepsbewijzen te Asfen (Assen), onder nummer 1852 Asfen negentienhonderd en een gebrand “1852 Asfen 1901" met den gehelen op dat schip aanwezige scheepsinventaris en daarbij in gebruik zijnde houten roeiboot, over welk een en ander de verkoper verklaarde de volle en onvoorwaardelijke beschikking te hebben, als zijnde gemeld schip ten zijne name als eigenaar te boek gesteld, blijkens verklaringen van eigendom geregistreerd te Meppel den zestiende Februari negentien honderd (16-02-1901) en een en overgeschreven ten voormelden hypotheek kantore den achttienden Februari daaraan volgende in deel 7 nummer 1852, schepen en vaartuigen. Partijen verklaren dat deze koop en verkoop is geschied voor de som van acht duizend en negen honderd gulden. Getekend L. Borderwijk Lwz, N. Mandenmaker, A.B. de Vries, A.C. de Vries Jr., J. Dikkers Notaris.
In register 2441 Dagregister deel 16 Nummer 209 is omschreven dat op 13-05-1924 Nicolaas Mandenmaker Harmszoon het schip verkocht aan Hendrik de Goede Hendrikszoon en Derk de Goede Hendrikszoon, scheepsbouwmeester, beide wonende te Zwartsluis. Voor de prijs van vijf duizend een honderd vijf en twintig gulden.
In register 2427 Dagregister deel 16 Nummer 220 is omschreven dat ten overstaan van notaris Atze Cornelis de Vries Junior in het arrondissement Zwolle, ter standplaats Zwartsluis het inmiddels genoemde schip "Hoop op Zegen"op 02-09-1924 is verkocht aan Jan Koelink Berendszoon, schipper te Hoogeveen, voor de som van vijfduizend en vierhonderd gulden. Met de aanwezige getuigen Hendrik Bosch, zeilmaker en Bernhardus Philips Voeman zijnde notarisklerk beide wonende te Zwartsluis.
Op 20 maart 1954 is de Hoop op Zegen overgeschreven op naam van Berend Koelink schipper te Amsterdam. Het is toen omschreven als een stalen tjalkschip metende 116.383 m3 met vooronder, achteronder, een ruim, een dek, een stuurhut, een zijschroefinstallatie met Deutz dieselmotor No. 290754 aangebracht op de koelingsbak, 14/16 pk. Vroeger te boek gesteld ten kantore der Scheepsbewijzen te Assen en gebrand met nummer 1852 in Assen in 1901. Overlegd is toen meetbrief A8712 van 26-7-1935 en een koopakte van 27-8-24 van notaris A.C. de Vries te Zwartsluis. De verkoper was Jan Koelink schipper te Amsterdam. De prijs was ƒ 10.000 incl. een ijzeren roeiboot.
Op 16 juli 1962 ruilt Harm Snitjer reder en wonende te Groningen aan de Bezettingslaan 180 een stalen motorschip genaamd "Vertrouwen" voor de "Hoop op Zegen" en ontvangt van Berend Koelink een bijbetaling van ƒ 50.000.
Op 1962 heeft de heer Silver Lampe, zoon van de toenmalige eigenaar van bekende modehuis Lampe het schip Hoop op Zegen van schippersvrouw Kommertje waarschijnlijk de vrouw van Berend Koelink gekocht. Het lag net zoals vele binnenvaartschepen, aan de wal weg te roesten. Meneer Lampe heeft kosten noch moeite gespaard om van dit troosteloze casco weer een pracht van een tjalk te maken. Onder architectuur van de bekende scheepsarchitect Henk Lunstroo is een prachtige salontjalk gebouwd. Er is een nieuwe Daf 575 dieselmotor met 102 pk en motornummer A 36167 ingekomen. De heer Lampe heeft het schip hernoemt in 't Stockpaerdt en op het roer het voor hem ontworpen bronzen beeld van 't Stockpaerdt laten zetten. Een waar kunstwerk. Een furie van een paard. Moeilijk te temmen net zoals het schip. De originele met de handgemaakte scheepstekeningen zijn nog aan boord en inmiddels gedigitaliseerd en staan op deze website. Het overvloedige houtsnijwerk was een hobby van de heer Lampe.
In 1991 heeft de vorige eigenaar Karin Tönnes-Röhrdiek het schip met inmiddels gemerkt met “3874 B Amst 1954 van meneer Lampe gekocht voor de som van ƒ 340.000. Louis Beintema was de schipper en samen met Karin exploiteerde zij het schip. Hij had toen al een dagcharterschip de Dollard. Jarenlang heeft hij gezocht naar een waardige vervanger en toen hij 't Stockpaerdt zag was hij direct verkocht. Louis en zijn vrouw Karin hebben tot 9 augustus 2007 gevaren. Zo'n beetje elke bekende Nederlander is wel eens aan boord van 't Stockpaerdt geweest. Vrachtwagens met champagne zijn op de Loosdrechtse Plassen en de Vecht naar binnen gewerkt. Zelfs onze kroonprins Willem Alexander is samen met het toenmalige management van vliegtuigbouwer Fokker op een foto aan boord te bewonderen. Een van de vele multinationals die regelmatig het schip afhuurde voor relatiemarketing was Fokker. Hele vliegtuigen werden onder het genot van lekkere drankjes aan de bar verkocht. De contracten werden bezegeld met een vette duimafdruk van de overheerlijke Loosdrechtse paling.
Na 9 augustus 2007 is Sjors Chamboné de nieuwe uitbater geworden. Met nieuw elan en nieuwe ideeën probeert hij als geboren gastheer zijn horeca ideeën over te brengen op de exploitatie van deze prachtige luxe salontjalk. De inrichting is slechts in details veranderd. Zo is de Chesterfield weer aan boord en waant u zich in een exclusieve herenclub waar sigaren rokende notarissen en notabelen bij elkaar komen. U moet het zelf maar is komen bekijken.
P.S. roken mag binnen niet maar wel buiten aan dek.
Meetbrief 't Stockpaerdt
In de huidige meetbrief HN 9373 van 23 december 2002 staan vier metingsmerken.
|
Bureau uitreiking
|
Datum uitreiking
|
Metingsmerk
|
Naam of kenspreuk
|
|
Rotterdam
|
25-09-1900
|
1533
|
Vier Gebroeders
|
|
Rotterdam
|
08-05-1918
|
1533
|
Hoop op Zegen
|
|
Amsterdam
|
26-07-1935
|
8712
|
Hoop op Zegen
|
|
Amsterdam
|
12-12-1957
|
17484
|
Hoop op Zegen
|
|
Rotterdam
|
29-10-1968
|
32207
|
‘t Stockpaerdt
|
De geschiedenis in foto's beginnend op de Schie in Delf vanaf 1962.







Historisch Casco
Op 19 juli 2010 kreeg 't Stockpaerdt van de Stichting Federatie Oud-Nederlandse Vaartuigen (FONV) de mededeling dat het is opgenomen in het Nationaal Register Varende Monumenten met NRVM nummer 2749. Het gaat om de voorlopige status Historisch Casco. Natuurlijk zijn wij blij met deze erkenning als varend monument. Maar we gaan nog proberen een hogere A of B status te krijgen.
Nationaal Register Varende Monumenten
In samenwerking met het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap is door de Stichting Federatie Oud Nederlandse Vaartuigen (FONV) het Nationaal Register Varende Monumenten ontwikkeld. De sectie Varende Monumenten van de FONV beheert dit register. Iedere eigenaar van een historisch vaartuig kan zijn schip bij zijn eigen behoudsorganisatie voordragen voor opname in het register. Als het schip na beoordeling door een schouwcommissie van die behoudsorganisatie aan zekere voorwaarden voldoet, kan het met de status van historisch casco worden opgenomen. Voldoet het aan alle gestelde eisen, dan kan het opgenomen worden als Varend Monument.
Varende Monumenten
In de sectie Varende Monumenten van de FONV hebben deskundigen van verschillende scheepstypen zitting, alsmede een vertegenwoordiger van Stichting Advies Bureau Industrieel Erfgoed Nederland (STABIEN). De sectie ontwikkelt algemene criteria, aan de hand waarvan individuele schepen in de klasse C: Historisch Casco, kunnen worden ingedeeld. De behoudsorganisaties zelf stellen per scheepstype meer specifieke criteria op, aan de hand waarvan de individuele schepen in de klasse B kunnen worden ingedeeld. Als daarbij aan alle eisen wordt voldaan, kunnen ze worden aangemerkt als Varend Monument. Beoordeling en aanleveren van de scheepsgegevens aan het Register is een taak van de Schouwcommissies. Wij zijn lid van de
Criteria voor aanmelding en opname in het Register
het schip is ouder dan vijftig jaar;
het heeft ligplaats in Nederland of vaart onder Nederlandse vlag;
het scheepstype was meer dan vijftig jaar geleden beeldbepalend op de Nederlandse wateren of was typerend binnen de ontwikkeling van de Nederlandse scheepsbouw.
Schepen die hieraan voldoen worden als Historisch Casco opgenomen in de Schepenlijst Historische Vaartuigen onder Klasse C. Het bijbehorend bewijsstuk is de grijze pas.
Schepen waarvan daarnaast het uiterlijk en de relatie met het vroegere gebruik min of meer is behouden, maar die een goedgekeurd restauratieplan kunnen overleggen, worden voorlopig in de Schepenlijst opgenomen als Varend Monument onder Klasse B. Het bijbehorend bewijsstuk is de blauwe pas.
Schepen, die aan de algemene criteria voldoen en waarvan het uiterlijk en de relatie met het vroegere gebruik in voldoende mate is behouden, worden in de Schepenlijst opgenomen als Varend Monument onder Klasse A. Het bijbehorende bewijsstuk is de blauwe pas.
Privileges van Varende Monumenten
Veel gemeenten eisen voor hun historische haven het bezit van een blauwe pas;
Vaak mogen Varende Monumenten zonder het betalen van Havengeld gebruikmaken van faciliteiten. Zie de Externe links voor de betreffende havens en ligplaatsen;
Er mag legaal rode, laagbelaste gasolie worden gebunkerd, volgens de gedoogregeling uit het Handboek Accijns.
|